Personeelsverhouding

border-img

Personeelsverhouding

Groepindeling en personeel

Binnen ons kinderdagverblijf hebben wij gekozen voor een verticale groep. Dit zijn kinderen met de leeftijd 0 tot 4 jaar. Daarnaast vangen wij kinderen op voor de buitenschoolse opvang van 4 tot 12 jaar. Binnen deze verticale groep kun je niet verwachten dat kinderen dezelfde vorderingen maken. Hierdoor bestaat er minder wedijver en accepteren ze elkaars verschillen makkelijker.

 

Aantal kindplaatsen

De maximum aantal kindplaatsen in de groep verschild bij ons per vestiging. Bij de vestiging aan Gouverneurlaan kunnen wij 14 kinderen opvangen. Bij de vestiging aan de Rijswijkseweg kan de groep bestaan uit 11 kinderen.

 

Personeel

De verhouding tussen het aantal kinderen en aantal pedagogisch medewerksters is als volgt:

  • Eén pedagogisch medewerker per vier kinderen tot de leeftijd één jaar.
  • Eén pedagogisch medewerker per vijf kinderen tot de leeftijd twee jaar.
  • Eén pedagogisch medewerker per zes kinderen van de leeftijd twee tot drie jaar.
  • Eén pedagogisch medewerker per acht kinderen van de leeftijd drie tot vier jaar.

Groepsindeling buitenschoolse opvang

De groep bestaat uit drie kinderen in de leeftijd tussen de 4 en 6 jaar. Deze groep mag uit maximaal 7 kinderen bestaan. Hierdoor kunnen we hen ook genoeg aandacht geven, is er voldoende ruimte om te spelen en om zich terug te trekken wanneer daar behoefte aan is.

De vastgestelde normen voor buitenschoolse opvang:

  • Maximaal 7 kinderen in de leeftijd van vier jaar tot de leeftijd waarop het kind naar het vervolg onderwijs gaat.

De verhouding tussen het aantal kinderen en aantal leid(st)ers is als volgt:

  • Eén pedagogisch medewerker per 10 kinderen in de leeftijd van 4 tot 6 jaar.
  • Eén pedagogisch medewerker per 10 kinderen in de leeftijd van 6 tot 8 jaar.
  • Eén pedagogisch medewerker per 15 kinderen in de leeftijd van 8 tot 12 jaar, ondersteunt door een andere volwassene.

 

Achterwacht

Een pedagogisch medewerker zal nooit alleen in het gebouw met een groep kinderen. Volgens het vier-ogenprincipe wordt er gezorgd voor minstens één andere volwassene, die de medewerker bij kan staan in geval van calamiteiten. Mocht er een voorval zijn waarbij dit niet gerealiseerd kan worden, zal de camera waarover wij beschikken gestart worden en dienen als ‘volwassene ’ die meekijkt.